Held van de dag nummer twee

“Hij was eerst,” zegt ik tegen de barmedewerker van Bevrijdingspop in Haarlem op het moment dat ik aan de beurt ben aan de overvolle bar. Goede mini-daad, goed gevoel. Het is belangrijk om eerlijk en een beetje aardig te zijn, toch? Ondanks die onbaatzuchtigheid vroeg ik me daarna wel af wat karma voor me in petto zou hebben. Vooral heel weinig, zo bleek. Het barpersoneel schoot na mijn goeddoennerijtje alle kanten op behalve de mijne. Of het werd aangeschoten door mensen die overduidelijk na mij waren aangeschoven. Dat zag ik, want ik wachtte braaf op mijn beurt aan die veel te natte bar, waarvan m’n jas steeds een beetje meer opzoog terwijl ik tegen de rand werd gedrukt door de ongeduldige meute achter me. Na een paar beurten overslaan begon zich een kleine emo-dip in te zetten. Hoezo kwam die barboy überhaupt niet meteen terug naar die aardige dame aka moi? Zo iemand geef je toch voorrang tussen al dat ongeduldige en aangeschoten grut? Blijkbaar niet. Maar goed, ik overdreef natuurlijk nogal, want zoveel had ik nou ook weer niet gedaan voor de wereld. Ik dacht aan wie goed doet goed ontmoet: dat als ik goed doe het dat naar me terugkomt. En dat als ik daar een beetje negatief zou gaan staan zijn, dat was wat ik terug zou krijgen. Dus daar stond ik, een beetje te doen alsof ik wijzer was dan dat ik me op dat moment eigenlijk voelde. Alleen maar omdat ik toevallig recentelijk iets meer over karma had gelezen. Wat er wel niet allemaal door je heen kan gaan aan emoties terwijl je gewoon een biertje (of cola) wilt bestellen. En dit is nog maar het topje van de ijsberg, die ik niet in mijn cola kreeg. Rollercoasterleven is ook leven.

Schijt aan de poging tot wijsheid. Ondertussen was ik alleen maar meer dan geïrriteerd en stond het huilen me nader dan m’n fake smile, waarmee ik het barpersoneel nog een beetje probeerde te lokken. Ik vervloekte alle mensen die na mij kwamen en meer dan geen rekening hielden met dat zij misschien eigenlijk nog niet aan de beurt waren. Of misschien stond ik nog steeds en nog meer te overdrijven en was ik alleen boos op mezelf. Over dat ik zo nodig weer de grote goeddoener moest zijn en daardoor nog steeds aan die bar stond, waaraan het iedereen voor zichzelf en z’n dorstige vrienden was. En dat op Bevrijdingsdag. Hè, lieve mensen. Of kwamen jullie alleen maar om te zuipen en te feesten? Als ik de BOB niet was, deed ik waarschijnlijk lekker mee hoor. Daar niet van. Ik stond daar op dat moment voor een colaatje, waardoor ik me eigenlijk nog minder in die situatie wilde bevinden. Ik had geen eens dorst. Nee, ik stond daar vooral voor een van mijn dorstige vriendinnen – die ik daarom eigenlijk ook een beetje vervloekte op dat moment. Sorry, homie. Heerlijk hè, hoeveel mensen je de schuld kunt geven van een situatie waarover je je niet eens druk hoeft te maken.

Deze introductie duurt ondertussen al best lang, maar je moet je bedenken dat ik daar dan ook echt al minutenlang aan de bar geplakt stond. De struggle is real als je iemand bent die vindt dat eerlijkheid het langst duurt, dat je rekening moet houden met elkaar en daarom dan ook braaf je beurt af moet wachten. In plaats van als haantje de (zoveelste) voorste meteen je vinger op te steken om daarna je veel te grote bestelling te doen. En om vervolgens te vragen om een draagtray of twee, oh en om toch ook nog maar vier biertjes extra. Terwijl ik daar met m’n drie muntjes in de hand stond, raakte ik nog meer verstrikt in m’n emotionele rollercoaster en vloeiden de drankjes en m’n jas rijkelijk. Maar hé, de rit was weer eens gratis.

Sip stond ik daar. Op het randje van een mental breakdown, met Maan zich op de achtergrond afvragend of ze nog thuis zou komen of bleef slapen. Dat vroeg ik me dus ook af. Een beetje verzwolgen in misplaatste zelfmedelijden (#34) was ik aan het bedenken wat ik zou doen. Optie 1: Bij de volgende persoon die voor ging als een crazy girl schel schreeuwend mededelen dat het ondertussen lang genoeg had geduurd en dat het nu weleens mijn beurt was. Nee, geen optie. Al voelde ik ‘m wel. Optie 2: Doorgaan met gewoon braaf m’n beurt afwachten, maar iets meer van dat opdringerige oogcontact maken en wellicht m’n vingertje opsteken. Of optie 3: De schuld op de superdrukke barmedewerkers gooien, gekke Harry uithangen en iets roepen als “DAN TOCH NIET, WILLEN JULLIE GEEN GELD VERDIENEN?”, met m’n muntjes ter waarde van € 7,50 gooien en weglopen. Nee, dat zou zielig zijn. Voor beide partijen. En gênant. Voor mij alleen. Al was dat ook een optie die ergens wel lekker en dramatisch voelde en volledig paste bij m’n mentale staat. No go, die optie voelde ook vooral een beetje triest. Uiteraard koos ik voor optie 2: Gewoon lekker doorgaan met waar ik mee bezig was. Ging toch lekker. Al zou ik nu wel starten met een staarwedstrijd. Mijn vingertje bewaarde ik voor later.

Het bleek allemaal niet meer nodig, want daar was ‘ie dan: mijn karma. In de vorm van een kale man van mijn leeftijd die naast me aanschoof. Ik keek naar hem en dacht alleen maar ‘Nee, niet jij ook nog.’ Hij keek me aan en vroeg wat ik wilde hebben. In plaats van m’n bestelling door te geven, klaagde ik ietwat opgelucht dat ik er al zooo lang stond. “Dat weet ik. Ik zag iedereen om je heen bestellen en vertrekken en jij bleef maar staan. Laten we dit samen doen,” zei deze barengel. THANK YOU LORD. Voor zover ik nog niet al bijna een klein beetje moest huilen – laten we deze extreme emotionele rollercoaster trouwens even gooien op de maandelijkse cyclus, want dat kan ondertussen weer – was dit anders wel het moment geweest waarop die traantjes zich zouden inzetten. Van geluk, maar net zo opdringerig duwend achterin m’n oogkassen als de festivalbezoekers op weg naar hun gouden water. Gelukkig kon ik deze menigte wel tegenhouden.

Daar ging ik hoor. Op naar m’n twee cola en een bier. Team up. M’n karma-maat stond er net, maar claimde ónze bestellingen binnen een paar seconden (hoe dan?!). Daarna volgde ik hem als een dankbare puppy met mijn drankjes door de overvolle menigte die nog bezig was de bar te bereiken. Toen we aan het eind kwamen deelde ik hem mee dat hij mijn held van de dag was. Hij lachte naar me, wenste me een fijne dag en verdween in de menigte die danste op Maan, die net als ik ondertussen wat van duidelijkheid had over haar slaapplaats. Deze man maakte m’n dag. Wel moet ook hij achteraan sluiten in deze rij, want hij is de tweede held van de dag waaraan ik een verhaal wijd. De prijs voor held van de dag nummer ging één ging lang, lang, laaaang gelden al naar mijn vader – al is die naast in dat verhaal cheesy genoeg elke dag mijn held. Maar op de dag waarop ik mijn thesis moest inleveren, was hij dat door zijn reddende acties. De Marlijn-deadline-stijl lijkt onveranderd als ik dat zo teruglees. Tja, als iets werkt, dan werkt het.

Nog even over die frustraties aan de bar. Je zou kunnen zeggen dat dit is hoe de wereld werkt (en dat ik overdrijf), maar ik wil niet dat mijn en onze wereld zo werkt. De wereld is toch mooier als we iets beter met elkaar omgaan. Laat ik cheesy blijven. Hoe vaak hou jij rekening met of doe je iets voor een ander? Ook als je iemand niet kent? Is fijn hoor. Je kunt zomaar iemands dag maken. Zelfs aan de bar. Ook als je daardoor daarna zelf even wat langer moet wachten. Zelfs als iemand op dat moment misschien niet doorheeft dat je wat voor de ander doet.

Een gedachte over “Held van de dag nummer twee

Voeg uw reactie toe

Laat een reactie achter op fredpruim Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: